Jensen 541 Deluxe (1956): 4 schijfremmen
De eerste keer dat schijfremmen werden gebruikt in een auto, was bij Jaguar, dat ze samen met Dunlop ontwikkelde voor zijn C-Type, een racewagen gebouwd voor Le Mans. En hij won. Onder de productiemodellen waren de Citroën DS en Triumph TR3 (1955) bij de eerste die vooraan schijfremmen gebruikten. Maar het eerste merk dat ze op alle wielen monteerde, was Jensen, in zijn 541 Deluxe.
Lancia Lambda (1922): zelfdragend koetswerk
Het automerk Lancia is vandaag maar een kleine speler meer, maar op het toppunt van zijn glorie is het heel belangrijk geweest voor de automobiel. In 1922, toen auto’s er nog vooral uitzagen als gemotoriseerde koetsen, lanceerde Lancia een auto met een zelfdragend koetswerk in plaats van een gescheiden chassis: de Lambda. Met zijn transmissietunnel binnen het koetswerk, onafhankelijke voorwielophanging en lage koetswerk legde de Lambda de basis voor de moderne auto. Tot vandaag worden achterwielaandrijvers nog steeds niet zo heel anders gebouwd.
Tracta D-1500 (1928): de eerste voorwielaandrijver
Jean-Albert Grégoire was een briljante Franse ingenieur. Al heel vroeg geloofde hij in de voordelen van voorwielaandrijving. Hij was dan ook de eerste die de oplossing aanbood op een productiewagen. Er waren al wel enkel pogingen geweest in de 19de eeuw, en begin de jaren 1920 was voorwielaandrijving al een paar keer toegepast in de autosport. We denken dan aan de Alvis 12/50 of de beroemde Miller 122, die deelnam aan de 500 Miles van Indianapolis. De architectuur werd pas echt gemeengoed met de komst van de beroemde Citroën Traction Avant uit 1934.
Panhard & Levassor Type A (1890): de eerste productiewagen op benzine
?
Vond je dit artikel interessant en wil je het laatste autonieuws meteen in je mailbox ontvangen? Schrijf je – net als meer dan 300.000 autoliefhebbers – nu gratis in via e-mail: