Een fantastisch team 

«We hebben twee jaar aan dit project gewerkt en het was een serieuze uitdaging, vertelde Jean-François kort na de finish in Boekarest. Iedereen heeft hard gewerkt om het project te doen slagen en vanavond, enkele uren voor de prijsuitreiking, ben ik bijzonder tevreden over het resultaat. Zoals ik vertelde op de persconferentie in Luik, droomde ik er al jaren van om een Luik-Rome-Luik te organiseren, nadat ik in de jaren '90, toen ik pas van school was, de kans kreeg samen te werken met het team van Alain Defalle voor deze rally. Twintig jaar later is het gelukt en ik denk dat de kwaliteit van deze rally beantwoordde aan de verwachtingen. Dit was helemaal niet te vergelijken met de wedstrijden van een weekend die ik normaal organiseer. Hier waren we met een team van dertig personen om de 80 deelnemers een ganse week in de watten te leggen. Het vergt een onberispelijke organisatie. Het was een uitdaging van een andere orde en het is me goed bevallen, al ben ik vanavond compleet uitgeteld. Maar, deze ervaring en de reacties die we kregen van de deelnemers gaan ons goed van pas komen, want vanaf maandag beginnen we aan de voorbereiding van Luik-Rome-Luik 2016. Ik kan de exacte data nog niet bevestigen, maar veel deelnemers zouden liefst in mei of juni de wedstrijd rijden, wat ons twee maanden minder voorbereidingstijd geeft.

Wanneer je dit hebt meegemaakt, dan ben je nog meer onder de indruk van het feit dat de deelnemers destijds Luik-Sofia-Luik op vier dagen afwerkten. Dat was een ander tijdperk. Ik ben trouwens heel tevreden over het mediateam dat zorgde voor de nodige weerklank in woord en beeld. We hebben de Roemeense televisie op bezoek gehad en we haalden zelfs de voorpagina van twee lokale kranten. Nog een slotwoord over het mooie podium. Het zijn trouwe deelnemers aan mijn rally's en het is toch prachtig dat een Porsche op het hoogste schavotje staat.»

De sterke Porsche van Martens!

Jean-Jacques Martens is inderdaad geen onbekende voor wie de wedstrijden van Trajectoire, het bedrijf van Jean-François Devillers, op de voet volgt. In de voorbije editie van de ING Ardenne Roads werd de sympathieke 66-jarige Brusselaar al tweede in de categorie Pre-War. Hier had hij gekozen voor een wagen die geschikt was voor het parcours.

 «Maar, de Porsche 356 SC heeft me wel wat kopzorgen bezorgd in het begin van de wedstrijd. Hoewel de kleppen in België nog geregeld waren, begon de motor te haperen na 400 km. Gelukkig ontmoette ik 's avonds Raphaël, een van de mecaniciens die mijn auto heel goed kent. Hij stelde de motor weer heel fijn af, in de hoop dat het dan wel zou lukken. De Porsche heeft het feilloos gedaan, maar dat is normaal, want het zijn sterke auto's! Samen met mijn copiloot heb ik ook al de Zoute GP gewonnen. We vormen een homogeen team.

De wegen waren uitzonderlijk mooi, maar ik was wel verrast door het gebrek aan autocultuur bij de andere weggebruikers. Er is enorm veel verkeer en je moet heel voorzichtig zijn, want de wegcode is hier blijkbaar een rekbaar begrip. Ik weet dat de organisatie er niet aan kan doen, want er zijn op dit moment niet veel wegen meer beschikbaar, maar we reden vijftien kilometer met drie richtingsveranderingen. Het grappige is dat er dan nog grote verschillen werden gemaakt in de einduitslag.»

De twee teams die het podium vervolledigden stonden ook aan de finish van de ING Ardenne Roads. Jacques en Mathieu Castelein, tweede, behaalden een prachtig resultaat met hun monsterlijke AC Cobra, terwijl het Luikse duo Bebronne-Van Damme een tweede Porsche 356 C naar de derde podiumplaats stuurden.

 «De wedstrijd is voor ons heel goed verlopen en de organisatie was top, vertelde de copiloot bij de finish. We hebben de finish gehaald van deze mythische wedstrijd en dat geeft veel voldoening. Dat we derde zijn geworden is de kers op de taart. Dat is een aangename en onverwachte verrassing, maar het maakt het plezier des te intenser. Ik vond het enkel een beetje jammer dat er in de namiddag vaak niet zoveel ritme in zat, waarbij mijn rol als copiloot op dat moment tot een strikt minimum werd herleid. Voor het overige kende de auto geen problemen en dat blijkt altijd een mirakel met dit soort klassiekers.»