Het chassis van de auto is geassembleerd in 1929 en ging daarna naar het salon van New York om er te worden tentoongesteld. Vervolgens stak hij de Oceaan over en landde hij in Parijs, waar een zekere Howard “Dutch” Darrin er een koetswerk op zette. De huizen Fernandez & Darrin hoorden onbetwistbaar bij de meest prestigieuze van hun tijd en onderhielden nauwe banden met de VS.
De eerste eigenaar, mijnheer Martin uit Washington DC, bestelde een wit “Sport Tourer”-koetswerk met een interieur in rood leder. De auto werd in de jaren 1950 zwart gelakt en heeft een verbluffend heldere geschiedenis gezien zijn… 91 jaar.
De auto, die uiteraard wordt verkocht met een authenticiteitsattest van de fabriek, heeft een dikke zescilinder in lijn van liefst 7,1 liter. Het vermogen lag op 140 pk, maar kon tijdelijk pieken op 200 pk wanneer de compressor werd ingeschakeld. Met een topsnelheid van bijna 200 km/u schitterde de auto in de racesport in de handen van legendes zoals Caracciola en von Brauschitsch. Er zijn er destijds zo’n 111 van gemaakt, maar daarvan blijven er vandaag bijna geen meer over.