Je herinnert je wellicht nog de A1 Quattro, een speeltje voor sportieve verzamelaars waarvan 333 exemplaren gebouwd werden, aangedreven door een tweeliter turbo die 250 paarden naar de vier wielen stuurt. Door zijn zeldzaamheid en prijs maakte hij een opgemerkte maar zeer korte passage in het autolandschap. Te kort? Vandaag pakt Audi uit met een gelijkaardig productie in grotere serie, de S1.
De markt
In het goed gevulde segment van de kleine sportievelingen vinden we vooral veelzijdige autootjes met een 1.4 of 1.6 turbo: de Renault Clio RS, Abarth Punto, Peugeot 208 GTi, Seat Ibiza Cupra, Ford Fiesta ST, VW Polo GTI, … Alleen de nieuwe Mini Cooper S en de (uitverkochte) VW Polo R WRC doen rebels met hun tweeliter turbo.
Vierwielaandrijving
Door zijn tweeliter turbo van 230 pk en 370 Nm over te nemen van de Golf GTI, is de Audi S1 een originele verschijning. Wat hem helemaal uniek maakt, is de vierwielaandrijving met Haldex-koppeling van de vijfde generatie, weggeplukt van de Audi S3. Om er nog een schepje bovenop te doen, heeft hij een nieuwe achtertrein met vier onafhankelijke draagarmen.
Eigen accenten
Het hoge testosterongehalte blijkt uit de specifieke velgen, de achterspoiler, het radiatorrooster en de zijspiegelkappen. Het optiepakket Quattro benadrukt dat nog extra met rode inzetstukken voor de koplampen en remzadels en een nog grotere achterspoiler.
Verzorgd interieur
Binnenin blijven we versteld staan van de bouwkwaliteit: flatterende plastics, een verzorgde presentatie en een ergonomie die, zoals altijd bij Audi, bijna onberispelijk is. Enkele aluminium inzetstukken, specifieke tellers en pedalen in inox maken duidelijk dat je niet in de A1 1.2 TFSI van je secretaresse zit.
Ook hier is het Quattro-pakket iets exuberanter, met kuipzetels (die een groot deel van de beenruimte achterin wegsnoepen) en inzetstukken in zwart, geel of rood. Voor de geeks is er het multimediasysteem met spitstechnologie dat wifi verspreidt in het interieur.
Duwt … altijd
De 2.0 TFSI blijft altijd aangenaam. In de S1 kan hij om gewichtsredenen alleen gekoppeld worden aan een handgeschakelde zesversnellingsbak. Het geheel is schitterend om te gebruiken: de motor heeft veel koppel en herneemt vanaf de laagste toeren en kietelt de rode zone enthousiast en communicatief. Je kunt zelfs lang in dezelfde versnelling blijven, hij voelt zich dermate op zijn gemak in alle toerentalgebieden: van 1.200 tot 6.500 tr/min is het een waar plezier. En de motor doet niet alsof, na 5,8 seconden haalt de S1 al 100 km/u.
Waar zijn de sensaties?
Om ons kippenvel te bezorgen nodigde Audi ons uit voor een ritje op het ijs, met als ‘slede’ de S1. De bevroren meren dragen nog altijd de sporen van onze stunts … Wat we vooral onthouden is een perfect evenwicht. Met jouw rechtervoet stuur je tot 50 procent van het koppel naar de achtertrein, die uitbreekt en de voorkant inhaalt. Door de korte wielbasis rijdt de S1 heel levendig en moet je heel snel corrigeren. Maar niet iedereen heeft een bevroren meer in zijn achtertuin …
Rustiger
Op de weg biedt de S1 een opmerkelijk compromis tussen comfort en doeltreffendheid. De adaptieve ophanging is doeltreffend op oneffenheden, beheerst de koetswerkbewegingen en spaart jouw ruggenwervels. In welke modus ook (Comfort, Normal, Sport), nooit wordt de S1 storend. Dat moeten we wel nog eens checken op onze wegen, in plaats van het vlakke Zweedse asfalt met sneeuw. De uitlaat verspreidt ruwe noten (in Dynamic-modus) maar nooit grijpt de motor zo aan als een Fiesta ST bijvoorbeeld.
Praktische details
De S1 kan al besteld worden en is beschikbaar als driedeurs of Sportback (vijf deuren). De prijs benadert 30.000 euro, wat uiteraard veel is voor een kleine auto, maar toch redelijk gezien de 2.0 TFSI-motor en de vierwielaandrijving.
Conclusie
Spannend op het ijs, overtuigend en rustgevend op de weg: de S1 wist bij de eerste presentatie in Zweden de juiste snaren te raken. Het is een kleine, karaktervolle bolide die je met plezier cadeau zou doen aan jouw partner ... in de hoop dat je zelf zo vaak mogelijk de sleutels kunt afsnoepen. Rest nog de prijs … Tijd om opslag te vragen aan jouw baas?