Ford begon in 2011 aan een fikse investeringsronde voor het testterrein in Lommel. Het terrein, dat dit jaar vijftig jaar bestaat, was toe aan een vernieuwing van de 105 kilometer aan testwegen. Daarnaast werd er geïnvesteerd in extra gebouwen en parkeerplaatsen, en werden er testbanen aangelegd voor de ontwikkeling van rijhulpsystemen. De totale investering bedraagt 26,5 miljoen euro.

“Op die manier investeren we in de toekomst van ons Europese testterrein in Lommel”, zegt Graham Hoare, directeur van de testafdelingen bij Ford. Het belang van dat testterrein voor het merk onderstreept ook Valère Swinnen, de manager van het testterrein: “We onderwerpen onze auto’s hier niet alleen aan prestatietests, maar ook aan geluids- en vibratietests, duurzaamheidstests en aan tests op zogenaamde kinderziektes in de eerste productiemodellen.”

Op het terrein werken vandaag 410 mensen, waaronder ingenieurs, monteurs, testpiloten en ondersteunend personeel. Of er ook mensen van de voormalige Ford-fabriek in Genk bij zijn? “Jazeker,” antwoordt Jo Declercq, directeur communicatie bij Ford België, “30 werknemers die het testwerk in Lommel ondersteunden vanuit Genk verhuisden na de sluiting naar hier, en er werden 70 arbeidsplaatsen in Lommel bijgemaakt voor voormalige werknemers van Ford Genk.”

Federaal minister van Werk Kris Peeters (CD&V) is opgezet met de investering: “Het verlies van duizenden jobs door de sluiting van Ford Genk was een zware klap voor de provincie Limburg”, aldus de minister. “De investering van Ford in Lommel is daarom een opsteker voor het SALK-plan (Strategisch Actieplan voor Limburg in het Kwadraat, red.) van de Vlaamse regering.”

Dat economische relanceplan voor de provincie Limburg kwam er door de sluiting van de Ford-fabriek in Genk in 2014. “Het aantal werkzoekenden in de provincie Limburg ligt momenteel op het laagste peil sinds 2012. Bovendien waren er nog nooit meer vacatures in Limburg dan op dit moment”, geeft Peeters mee. “We zijn blij dat Ford de focus wil blijven leggen op innovatie”, aldus minister Peeters. “Want daar zijn we in dit land sterk in.”